Afhechten in ribbelsteek 1

Wanneer je breiproject klaar is, wil je het natuurlijk zo netjes mogelijk afwerken. Dat is nou net de ‘finishing touch’. Het wegwerken van draden in tricotsteek hebben we uitgebreid beschreven in Draad! 1. Maar hoe werk je een draad mooi weg in ribbelsteek?

Waar je in tricotsteek één toer gebruikt voor het afhechten, gebruik je in ribbelsteek twee toeren. In het voorbeeld hier gebruiken we een witte draad voor de duidelijkheid. In werkelijkheid gebruik je natuurlijk dezelfde kleur als je breiwerk.

Je doet het zo:

Nodig: een maasnaald en een schaar.

  1. Rijg de draad door de maasnaald en pak de bovenste lus van een ribbel. Meteen pak je ook de onderste lus van de ribbel erboven. Je werkt schuin naar links. Trek de draad door (niet te strak).
Afhechten in ribbelsteek 2

  1. Ga nu rechts van waar je net naar boven kwam naar beneden in de volgende onderste lus van een ribbel. Meteen in de ribbel daaronder pak je de bovenste lus van de ribbel op. Je werkt naar linksonder. Trek de draad door.
Afhechten in ribbelsteek 3
  1. Je gaat weer naar rechts door de bovenste lus van de ribbel waar je net naar boven kwam, schuin naar links door de onderste lus van de ribbel erboven. Je werkt naar linksboven. Trek de draad door.
Afhechten in ribbelsteek 4

Herhaal stap 2 en 3 nog een paar keer.

Als je klaar bent, maak je geen knoopje. Je knipt de draad gewoon door. Doe dit doorknippen tussen de ribbels waar je daarnet in heen en weer zigzagde.

Afhechten ribbelsteek 5

Van deze afhechting zie je aan de voorkant helemaal niets en aan de achterkant zie je bijna niets. Het is dus een heel fijne manier om breiwerk af te werken dat aan beide zijden mooi moet zijn.

Een nadeel van deze manier van afhechten is dat de je iets minder rek hebt tussen de ribbels die je aan elkaar maast. Het afhechten moet dus echt losje. De rek in de breedte blijft helemaal in orde.

Afhechten in ribbelsteek 6